Weekmenu's op maat!

Weekmenu's op maat!

Wat is je doelstelling?

De 7 grootste fabels over afvallen

Afvallen

Afvallen lijkt op het eerste gezicht misschien makkelijk, maar er zijn toch duizenden mensen bij wie het niet goed lukt. Daar zijn verschillende redenen voor, en één is gebrekkige informatie. Er staan een hoop fabels over afvallen op het internet, die vaak meer kwaad dan goed doen! Wanneer je op de verkeerde manier vet probeert te verliezen, kan dat averechts werken. Je volgt bijvoorbeeld een ongezond dieet, of je eet zo streng dat je al snel alle motivatie verliest. Daar wordt het allemaal nog een stuk moeilijker van… Het is dus belangrijk dat je weet hoe je op een verstandige en gezonde manier gewicht kwijt kunt raken. Om je daarmee te helpen, hebben we in deze blog de belangrijkste fabels over afvallen op een rijtje gezet. Zo val je in ieder geval niet in deze valkuilen!

1. Alle calorieën zijn gelijk

Calorieën zijn calorieën, wordt vaak gedacht. En dus maakt het niet uit of je een appel of een eierkoek eet – want het aantal calorieën is toch ongeveer even hoog, nietwaar?

Helaas, dat is te simpel gedacht. Hoewel het klopt dat iedere calorie evenveel energie levert, zijn de voedingsstoffen die je er verder bij binnenkrijgt ook van enorm belang. Zo bevat die appel ook flink wat vezels én is hij rijk aan vitamines en mineralen. De eierkoek, daarentegen, is vooral rijk aan snelle suikers.

Dat is een belangrijk verschil. De vezels in de appel zorgen dat hij langer verzadigt, met als gevolg dat je minder snel weer gaat eten. Zo krijg je in totaal minder calorieën binnen. Daar komt bij dat de vele voedingsstoffen in de appel helpen om een tekort aan vitamines en mineralen te voorkomen. Ook zo’n tekort kan ervoor zorgen dat je meer gaat eten en dus te veel calorieën binnenkrijgt.

Die eierkoek, daarentegen, bevat snelle suikers die voor een piek in je bloedsuikerspiegel zorgen. Zo’n piek wordt gevolgd door een dal, waarin je snelle trek krijgt om je energie weer op peil te brengen. Daardoor eet je dus juist méér.

Kortom: alle calorieën zijn weliswaar gelijk, maar sommige zijn nog net iets gelijker. Door je calorieën uit voedzame, verzadigende producten te halen, eet je vrijwel automatisch minder en val je dus makkelijker af.

2. Afvallen betekent nooit lekker eten

Goed, voedzame en verzadigende producten, dus. Veel mensen storten zich daarvoor op de kale zilvervliesrijst, broccoli en kipfilet. Geen smaakmakers, want die leveren extra suikers en calorieën! En zeker nooit eens een avondje pizza, want dat is ongezond!

Geen wonder dat de meeste mensen dat niet langer dan twee weken volhouden… Constant iets moeten eten waar je ongelukkig van wordt, is misschien wel de minst motiverende manier om op dieet te gaan.

En dat terwijl het nergens voor nodig is om jezelf zo te kwellen. Je kunt namelijk prima op een gezonde en voedzame manier lekker eten. Niet alleen door gezonde ingrediënten te gebruiken die je ook daadwerkelijk lekker vindt, maar ook door hoofdzaken van bijzaken te leren scheiden.

Het is belangrijk dat je dieet in grote lijnen in orde is: dat je de meeste dagen genoeg groente en eiwitten eet, en niet te veel ongezonde rommel. Maar een scheut sojasaus door je wokgerecht? Een boterham met jam als je daar écht even trek in hebt? Of af en toe gewoon die pizza op de bank? Binnen een gezonde basis is dat echt geen probleem.

We noemen dit ook wel de 80/20-regel. Eet je voor 80% gezond, dan kun je prima voor 20% zondigen. Dus zo lang je maar zorgt dat die 20% niet per ongeluk 30% wordt, of 50%, hoef je jezelf echt niet aan extreem strenge banden te leggen.

En nog beter: ook die gezonde 80% kan echt hartstikke lekker zijn. We verwijzen je graag door naar onze receptendatabase, waar je honderden heerlijke én gezonde recepten vindt!

3. Je mag niet snacken als je af wilt vallen

Ook deze fabel valt in de categorie “niets mag leuk zijn als je wilt afvallen”. Snacken zou altijd volledig uit den boze zijn. Je eet alleen de drie hoofdmaaltijden, en verder mag je water drinken. Punt.

Het probleem is dat verreweg de meeste mensen dan tussen de maaltijden door honger krijgen. En iedere dag urenlang honger hebben, dat hou je niet lang vol. Met het gevolg dat je uiteindelijk toch maar een pak koekjes opentrekt, want je moet toch íéts…

Nu is het waar dat ongezond snacken niet aan te raden valt. Koekjes, snoep en chips leveren namelijk typisch van die calorieën waar je verder helemaal niets aan hebt. Maar dat probleem zit hem in de specifieke snacks, niet in het algemene idee van tussendoortjes. Met gezonde snacks is helemaal niets mis.

Sterker nog: als je je tussendoortjes goed uitkiest, kunnen ze je zelfs helpen om gezonder te gaan eten. Niet alleen voorkomen ze eetbuien tussendoor, ze leveren ook nog eens extra voedingsstoffen die je misschien niet uit de hoofdmaaltijden haalt. Kom je groente tekort? Snack met komkommer en worteltjes. Niet genoeg gezonde vetten? Neem een handje nootjes. Zo simpel kan het zijn!

4. Je wordt dik van koolhydraten

Tegenwoordig krijgen koolhydraten vaak overal de schuld van. Overgewicht? Eet minder koolhydraten. Weinig energie? Eet minder koolhydraten. Gekke klachten met je spijsvertering? Minder koolhydraten.

Het is waar dat veel mensen te veel snelle suikers eten. Dat gebeurt namelijk snel als je veel zoetigheid, kant-en-klare maaltijden en witte granen binnenkrijgt. En het is ook waar dat suikers ervoor kunnen zorgen dat je trek houdt en dus blijft eten. Maar dat betekent niet dat álle koolhydraten een probleem zijn, en ook niet het alleen aan de koolhydraten ligt als je te zwaar wordt.

Je komt aan als je te veel calorieën eet. Een deel van dat overschot komt vermoedelijk uit koolhydraten, maar ook de vetten en eiwitten hebben een bijdrage geleverd. Het is dus onzinnig om te zeggen dat alleen je boterhammen, pasta en rijst het probleem veroorzaakt hebben!

En zeker als je voor volkoren koolhydraten kiest, hoef je ook niet bang te zijn dat je er opeens van aankomt. Volkoren producten bevatten namelijk juist veel vezels, die ervoor zorgen dat je je langer verzadigd voelt na een maaltijd. Er is dus geen enkele reden om die te vermijden.

5. Je wordt dik van vetten

Net als koolhydraten worden vetten vaak als de boosdoeners aangewezen als het over gewichtstoename gaat. Dat komt vooral door hun calorische waarde. Waar eiwitten en koolhydraten 4 kcal per gram leveren, haal je maar liefst 9 kcal uit een gram vet. Dat betekent in theorie dat je met vetten sneller een calorie-overschot bereikt.

In theorie, dus, want in de praktijk zien we iets anders. Net als vezels zijn vetten namelijk heel belangrijk voor de verzadiging. Wanneer je vetvrij probeert te eten, zul je vaak veel meer honger hebben. Dat maakt het afvallen onprettiger, of je houdt het simpelweg niet vol.

Om die reden is het wel degelijk verstandig om wat vetten in je dieet te verwerken. Niet al te veel, want inderdaad, dan zit je wel snel aan je caloriebehoefte. Maar ongeveer een gram per kilo lichaamsgewicht per dag is een prima vuistregel.

6. Er bestaat een magische truc om af te vallen

Deze fabel duikt in allerlei soorten en maten op, en is in alle vormen even schadelijk. We hebben het over het idee dat er een magische manier bestaat om ‘vanzelf’ af te vallen. Een pilletje, een wondermiddel bij het ontbijt, een product dat je iedere dag moet eten…

We zullen het maar even bot zeggen: veel mensen zijn lui als het over hun gezondheid gaat. Ze willen niet maanden- of zelfs jarenlang goed over hun dagmenu na hoeven denken. Ze hebben al helemaal geen zin om calorieën te tellen. En dus kiezen ze liever voor een magische buikband, of ze kopen een supplement, of ze drinken iedere dag appelciderazijn voor hun ontbijt.

Het probleem is: als er een tovermiddel bestond om af te vallen, hadden we dat allang geweten. Dan hadden er namelijk niet zo veel mensen met hun gewicht hoeven worstelen. In werkelijkheid geldt dat je aankomt door een langdurige combinatie van verschillende factoren. Dat betekent dat je ook langdurig iets moet veranderen aan diezelfde factoren voor je weer op je streefgewicht bent!

En dat brengt ons bij de laatste fabel…

7. Tijdelijke diëten helpen om af te vallen

Vrijwel iedereen die af wil vallen, grijpt daarvoor naar een tijdelijk dieet. Het idee: als je nu even een paar weken of maanden afziet, raak je die kilo’s kwijt, en mag je daarna weer gewoon terug naar je normale eetpatroon.

Klinkt fijn? Er zitten helaas wel wat haken en ogen aan. De eerste is dat afzien: hoe heftiger het dieet namelijk is, hoe kleiner de kans dat je het ook echt volhoudt. Veel mensen haken halverwege af, gewoon omdat ze hongerig, chagrijnig en futloos zijn en dat niet meer willen. En dat is volkomen begrijpelijk!

Het tweede probleem gaat over de periode na je dieet. Top, je bent tien kilo kwijt. Tijd om weer terug te gaan naar je oude eetpatroon. Je weet wel – dat eetpatroon waarmee je om te beginnen veel te zwaar geworden was… De gevolgen zijn voorspelbaar. Tot wel 90% van de mensen die een dieet volgen, is een jaar na afloop zelfs zwaarder dan toen ze begonnen!

De reden is dat een tijdelijk dieet je niet leert om een duurzaam eetpatroon voor de lange termijn op te bouwen. Je krijgt een tijdelijke fix voor een structureel probleem. Alsof je een lekkage hebt, en in plaats van het gat te dichten, zet je er alleen een teiltje onder dat je steeds weer leeg moet gooien. Zo blijf je bezig.

Als je echt af wilt vallen, en slank wilt blijven, dan zul je structureel iets aan je eetpatroon moeten veranderen. Dat betekent dat je een manier van eten aanleert waarmee je niet te veel calorieën binnenkrijgt, en die je de rest van je leven vol kunt houden. Niet 1200 kcal per dag eten, maar gezonder gaan snacken, meer groente op het menu zetten en minder suikers eten.

Klinkt dat ingewikkeld? Gelukkig kun je vaak met een paar kleine ingrepen al veel gezonder gaan eten! Je leest er in onze andere artikelen meer over. En wil je zeker weten dat je het goed aanpakt? Dan kun je met FitChef Premium gebruik maken van onze persoonlijke weekmenu's, zodat je precies eet wat je nodig hebt om duurzaam af te vallen.

👉 Aanmelden voor FitChef Premium